Aansluiten van een beregeningscomputer

Stel vast, voordat er met de werkzaamheden begonnen wordt, dat er een 230V~ wandcontactdoos aanwezig is in de directe omgeving van de computer (ook wel besturingsautomaat genoemd). De computer kan in feite op iedere gewenste plek gemonteerd worden, maar het is handig om vanaf de locatie zicht te hebben op de tuin. De werking van specifieke afsluiters of zones kan dan eenvoudig gecontroleerd worden.

Zoek een plek met een vlakke ondergrond en rondom genoeg ruimte om de elektrische aansluitingen te maken. Het plaatsen op ooghoogte is aan te bevelen.

Het bevestigen van de beregeningscomputer aan de muur

De exacte bevestigingsmethode kan variëren van model tot model, maar volg op hoofdlijnen de volgende stappen:

uitleg installeren beregeningscomputer aan muur
  • Gebruik de mal die bij het apparaat geleverd wordt en neem met een stift of potlood de gaten over op de muur. Als er geen mal aanwezig is, kunnen de maten op het apparaat opgemeten en op de muur overgenomen worden.
  • Bij bevestiging op hout zijn geen pluggen nodig, maar in alle andere gevallen is het gebruik van pluggen noodzakelijk (deze worden normaal meegeleverd met een maat van 6 mm).

Boor de gaten en draai de schroeven ver genoeg in de muur, maar niet te ver, zodat het apparaat over de schroeven geschoven kan worden zoals hieronder weergegeven. Indien nodig voor een strakke montage kunnen de schroeven iets losser of vaster gedraaid worden.

Het aansluiten van de bedrading

In dit voorbeeld gaan we uit van een Rain Bird STP 9+ besturingscomputer. Deze is in 2014 vervangen door de Rain Bird ESP-RZXi, maar het principe van aansluiten is identiek. Heeft u een andere computer dan dient u de documentatie te raadplegen, maar de wijze van aansluiten is vrijwel overeenkomstig tussen verschillende fabrikanten en modellen.

Wij adviseren het gebruik van de volgende materialen:

  • Gebruik van meerkleurige besturingskabel voor het makkelijk herkennen van de juiste draad voor de juiste afsluiter.
  • Waterproof 3M Gel Connectoren.
  • Tyraps of zogenaamde zadels met een spijkertje om de bedrading deugdelijk vast te zetten.

De signaalkabel kan onder de grond vaak prima met tyraps vast gezet worden aan de tyleenslang/PE-leidingen aangezien de gevolgde route naar de afsluiters vaak gelijk is aan de route van de tyleenslang/PE-leidingen.

voorbeeld besturingsautomaat

Zorg dat de signaalkabel uitkomt bij de besturingscomputer en bevestig hem met zadels of tyraps deugdelijk aan de muur.

Tip: Laat de stekker uit de wandcontactdoos tot alle werkzaamheden zijn afgerond.

  • Sluit de gemeenschappelijke draad (witte draad in tekening) aan op de aansluitrail van de computer (meestal aangegeven als common). Aan de kant van de afsluiters dient deze draad verbonden te worden met 1 van de 2 aansluitingen van iedere afsluiter. Dit is in de tekening goed zichtbaar. Gebruik hiervoor de 3M Gel-connectoren. Het maakt niet uit op welke van de twee draden aangesloten wordt.
  • Pak 1 van de gekleurde aders en sluit deze aan op de eerste vrije aansluiting op de computer (gele draad in de tekening) en aan de andere kant van de kabel op de afsluiter naar keuze.
  • Herhaal bovenstaande voor de overige aders en afsluiters.
  • Mocht u ervoor gekozen hebben extra vrije aders in de signaalkabel aan te houden, dan adviseren wij deze met een 3M Gel-connector af te doppen. Daarmee wordt voorkomen dat er op termijn vocht in de kabel kan trekken en het koper gaat oxideren.
  • Het is aan te bevelen een tekening te maken, zodat u weet welke ader (1, 2, 3, etc) correspondeert met welke afsluiter en zone. Tijdens het programmeren heeft u dan een goed overzicht.
  • Steek de connector van de voeding op de corresponderende aansluiting.
  • Controleer voor de zekerheid nog eenmaal alle aansluitingen en steek de stekker in de wandcontactdoos.

Het aansluiten van een weersensor

De meeste beregeningscomputers hebben de mogelijkheid tot het aansluiten van een weersensor. Deze zijn er in diverse uitvoeringen zoals u in onze webshop kunt zien via deze link.

Alle weersensoren hebben een tweedraadsaansluiting die onder de daarvoor bestemde aansluitingen op de automaat geplaatst moeten worden. Bij de meeste computers moet daarvoor eerst een verbindingsdraad verwijderd worden. Monteer vervolgens de 2 aders van de sensor op dezelfde plaats. Het maakt niet uit welke draad waar gemonteerd wordt.

uitleg aansluiten regensensor

Het aansluiten van een pompstartrelais of een hoofdafsluiter

Als er gebruik wordt gemaakt van een waterpomp dan kan het noodzakelijk zijn een pompstartrelais toe te passen.

Dat is niet nodig indien er een zogenaamde hydrofoorpomp toegepast wordt. Dit type pomp slaat automatisch aan bij vraag naar water. In alle andere gevallen heeft u een pompstartrelais nodig om de pomp bij het aanvangen van de beregening in te schakelen.

In dit voorbeeld zijn wij uitgegaan van een Hunter PSR-22 pompstartrelais. Heeft u een ander model dan dient u de documentatie te raadplegen, maar de manier van aansluiten is meestal identiek.

Monteer het relais minimaal 4,5 meter van de besturingscomputer. Anders kan er sprake zijn van zogenaamde elektrische interferentie waardoor de computer mogelijk niet goed meer werkt.

Het aansluiten is eenvoudig door gebruik te maken van een besturingskabel met minimaal 2 aders. Aan de computerzijde wordt 1 ader aangesloten op de gemeenschappelijke common aansluiting (COM). Aan de kant van het relais komt de aansluiting op 1 van de 2 gele aders zoals in de tekening weergegeven. De tweede ader wordt op de computer verbonden met de zogenaamde Master Valve aansluiting en op het pompstartrelais op de tweede gele ader.

Het pompstartrelais plaatst u tussen de pomp en de steker. Het relais fungeert als een schakelaar die inschakelt door een signaal van de automaat waardoor de pomp gaat draaien. De tekening geeft een en ander schematisch weer.

Bij het gebruik van leidingwater adviseren wij altijd een hoofdafsluiter te gebruiken. Meer kunt u hierover lezen in onze ontwerpdocumentatie via deze link . Zodra de beregening start, plaatst deze afsluiter uw installatie onder druk en zodra de beregening klaar is, sluit de afsluiter zich weer en staat er geen druk meer op de installatie. Het aansluiten is identiek aan een pompstartrelais. In plaats van de 2 gele draden sluit u nu aan op de twee draden van de afsluiter.

© - Tuin en Water